Komische noot

Uit:
La Haye
Par un habitant
Tome Second
chez W.P. van Stockum, 1855
Imprimerie de J. Robring, La Haye

(pag 272)
En 1583, on décapita à La Haye un Cornelis de Hooghe, accusé d’avoir propagé des ouvrages séditieux. Il prétendait être un fils de l’empereur Charles-Quint. Lorsque le 29 mars on lui lut sa sentence, et qu’entre autres chefs d’accusation on mentionna qu’il se disait
(pag 273)
faussement le bâtard de l’empereur Charles-Quint, il interrompit le greffier et repondit fièrement: Oui, je le suis et je mourrai tel. Les historiens du temps, pour jeter du louche sur cette généalogie, disent que sa mère était une pauvre vieille femme; mais elle avait été jeune et peut-être très-jolie, et si les richesses favorisent les mariages, la pauvreté ne nuit pas à l’amour.

Vertaling:

In 1583 werd in Den Haag een Cornelis de Hooghe onthoofd, die ervan werd beschuldigd opstandige werken te hebben verspreid. Hij beweerde een zoon te zijn van keizer Karel V. Toen men op 29 maart zijn vonnis voorlas en tussen de belangrijkste beschuldigingen vermeldde dat hij valselijk beweerde een bastaard van keizer Karel V te zijn, onderbrak hij de griffier en antwoordde trots: Ja dat ben ik en ik zal zo sterven. De toenmalige historici zeiden, om deze afstamming in een kwaad daglicht te stellen, dat zijn moeder een arme oude vrouw was. Maar zij was jong geweest en misschien zeer knap en zoals rijkdom gunstig is voor een huwelijk, belet armoede de liefde niet.