The Pieter van der Pols Papers
Pagina 3

klik om het afschrift te zien



meer heb en dat ligt in Charlois en behoort aan het Proveniers-
huis te Rotterdam. In de Hille (heb ik) 20 morgen 50 roeden,
in Katendrecht 5 morgen, 5 hond en 50 roeden, alles bij elkaar
26 morgen eigen land, behalve de palen die er
in staan (= de betekenis hiervan is onduidelijk), wat geen verwondering hoeft te wekken, maar
het is wel verwonderlijk dat ik het nog zover heb geschopt,
door al die nare jaren vol ramp- en tegenspoed.
Ik heb twee- à drie-en-twintig jaren gebouwd (= geboerd) maar ik
heb er niet veel van overgehouden: Vader en moeder
lieten mij op de eieren zitten (= in problemen achterlaten). Ik moest mijzelf
schoeien en kleden. Zij gaven mij niks en ik gaf hun
niks, totdat mijn moeder kwam te
sterven op 20 januari 1724. Toen nam (mijn broer) Huig
wat schuld over, want die bleef ook zo (met de narigheid) zitten. Zwager
Blom (= Hendrik Blommert) en zus namen zo wat huisraad van mij
en van Huig (over). Elk een stuk land en het huis op
het dorp. Zij had wat geld gekregen toen zij met
Blomme (= Hendrik Blommert) trouwde en dat behield zij. Zo waren we
zonder voor- of tegenspraak gekaveld zonder (ook maar) een hamer-
slag te horen of te zien. Geen ander mens dan wij met
ons vieren, en dat alles terwijl Huigh nog onmondig was. Zijn voogden,
Pieter Wouterse Opsluis en Pieter van Oosten,
hoewel zij er niet bij waren geweest toen wij
deelden en kavelden, stemden toch toe. We gunden het
elkaar zo zeer alsof wij het zelf hadden.

(Opmerkingen:
- De familie Van Oosten was aan Pieter van der Pols gelieerd. De moeder van "zwager Hendrik Blommert" heette Femmetje Hendrix van Oosten. De naam Opsluis is in de familie vooralsnog onbekend.
- Het lijkt erop alsof de drie kinderen Pieter, Huig en Maaike schulden erfden na de dood van hun moeder, die als laatste stierf.
Huig en Pieter hadden eigenlijk geen geld om de schulden af te betalen, maar omdat Maaike bij haar huwelijk met Hendik Blommert geld had ontvangen, kon zij de redder in de nood worden.
Zij kocht van zowel Huig als van Pieter een huis, waarmee dezen over zoveel geld beschikten dat zij de schulden van hun ouders konden betalen. Dit alles was in goede harmonie tussen de vier betrokkenen gebeurd: Pieter, Huig, Maaike en haar man Hendrik Blommert. De voogden van Huig stemden daar achteraf mee in.
- Het lijkt er dus op dat Pieter op dat moment niet getrouwd was, ofschoon hij toen al circa 29 jaar oud was.)

Huig zou de derdalf (= gezien de huurprijs "twee en half") morgen aan de Nieuwe Weg die aan
zuster Maaike toekwam in huur houden voor f 40,-
ofwel F 16,- per morgen, de ordinaire lasten voor zijn rekening,
de extra-ordinaire voor haar. Zo zijn we tot
hier toe doorgesukkeld. Wij zijn hier met ons drieen.
Wij hebben geen oom of tante, geen neef of nicht
hier te lande, zodat we bij niemand voor raad of
daad terecht kunnen, behalve bij elkaar en bij
God. Die heeft mij dikwijls gered. Als ik geen raad
meer wist heeft de Heer mij altijd geholpen. Ik heb
nooit gehoord dat er iemand van onze familie
door de kerk of door de armen(zorg) is geholpen. Zij hebben altijd
hun noodruft gewonnen en hun eigen brood
gegeten. God komt hiervan de eer te. Ik heb ook
nooit gehoord van grote rijkdom. Ze hebben met
bouwen (= boerenwerk) en werken hun kost moeten winnen
Van allen ben ik de gezegendste die ik in mijn

vorige pagina
volgende pagina

startpagina